Hoe was vroeger jullie eigen kijk op de wereld? Wat wilde jullie later worden?
Heleen: ‘Ik was een echt leeskind, een leeswolf. Lezen zorgt ervoor dat je nieuwe werelden ontdekt. Werelden van vroeger, van nu. En werelden waarover je durft te dromen. Bovendien had ik het geluk dat mijn ouders mij meenamen naar musea en muziekvoorstellingen. Ik vond toen ik jong was echt alles interessant. In elk geval wilde ik schrijfster worden. En was ik bij de dokter geweest dan zag ik mezelf later ook wel in een witte jas rondlopen. Uiteindelijk werd het een studie psychologie en daarna psychotherapie. En je ziet: dan kun je nog steeds alle kanten uit. Ik werd oprichter en directeur van IMC Weekendschool.’
Bernt: ‘Ik groeide op in Vreeswijk, aan de Lek. Mijn vader was er burgemeester. Ik was gefascineerd door de binnenvaart die voorbijtrok. Dus wilde ik schipper worden. Ik was ook gek van popmuziek en zag ook wel een carrière als bassist voor me. Dat burgemeesterschap, daar had ik niet zo’n concreet beeld bij. Tot mijn vader ooit - zo was dat in die tijd - als burgemeester plots naar een grote brand in een boerderij moest. De volgende ochtend zat het hele gezin dat daar woonde bij ons aan de ontbijttafel. Geen huis meer. En allemaal met kleren van ons aan. Dat maakte indruk. En dus ben ik uiteindelijk toch burgemeester en bestuurder geworden. En nu alweer enkele jaren directeur van ons prachtige VSBfonds.’
Wat is het geheim achter de lessen van IMC Weekendschool
Heleen: ‘We beginnen ons onderwijs met kinderen in groep zeven en acht. Kinderen zijn zo rond hun tiende levensjaar onbevangen, blij en energiek. Ze hebben zin om het leven en de wereld te ontdekken. Het is hét moment waarop je de eerste vonk kunt aanwakkeren als het gaat om hun kijk op kansen en de toekomst. Wij voegen aan hun wereldje nieuwe ervaringen en echte belevenissen toe. We vergroten hun kijk op hun eigen talenten en de mogelijkheden die er voor hen zijn in werk en in de maatschappij. Al die ervaringen nemen zij mee als ze later belangrijke keuzes maken, zoals een vakkenpakket, een opleiding, een beroep, een loopbaanswitch. Onze lessen leveren soms onvervalste eyeopeners en ‘wow’-momenten op, waarop een kind ineens weet: dát wil ik later óók. Anderen pikken vooral op dat de wereld interessant en spannend is en dat ze vooral willen doorzoeken tot ze een plek vinden waar zij volop tot hun recht komen.’
Bernt: ‘Het bewijs dat het werkt, zie je onder meer op jullie eigen weekendscholen in de grote steden van Nederland. Daar komen jonge kinderen steeds weer met veel plezier op zondag naartoe. Op zondag! Dat doe je naast vijf dagen in de week basisschool als jonkie niet zomaar. Het enthousiasme is dus enorm om deel te nemen. Jullie zorgen daarmee dat al die jonge deelnemers de bagage meekrijgen om uiteindelijk te worden wie ze willen zijn.’
Heleen: ‘Dat klopt helemaal. Onze eigen weekendscholen zijn gevestigd in de grote steden, in wijken waar ze het hardst nodig zijn. Maar daarnaast worden er ook op zo’n vijftig reguliere basisscholen in het land gastlessen gegeven door professionals, in samenwerking met de leerkrachten. Overal zie je hetzelfde: de verwondering, de gretigheid en het enorme enthousiasme van de kinderen om te leren van vakexperts. En ook hun leerkrachten zijn enorm enthousiast. Die ontdekken ineens talenten van kinderen die in de reguliere lessen die zij moeten geven niet boven komen drijven. Velen van hen zeggen: ‘Kijk, hiervoor ben ik het onderwijs ingegaan’. Ze kunnen met die nieuwe inzichten ook verder in de klas. Helpen om talenten verder te ontwikkelen. En de praktijklessen gebruiken om de reguliere lessen context te geven. Een gastles van een architect kan ervoor zorgen dat een rekenles ineens voor kinderen gaat leven. Daarmee wakker je hun motivatie verder aan.’